Eels is een band met reputatie: ze hebben inmiddels acht CD’s uit en zeker niet de minste. Dit was dan ook een van de redenen dat het concert van de Californische band in paradiso een hoogtepunt zou moeten worden. De naam Beautiful Freaks is niet voor niets een afgeleide van hun ‘Beautiful Freak’, naam van hun debuut-album – hun beste – en een gelijknamig nummer op dat album. De band heeft een stormachtig jaar achter de rug. Met het uitbrengen van maar liefst drie (!) CD’s in een jaar waren Mark Everett en zijn mannen erg druk bezig. Hombre Lobo (juni 2009) – de woede, het verlangen – End TImes (januari 2010) – berusting, verdriet – en onlangs verschenen Tomorrow Morning – vreugde, een nieuwe start – vormen samen een trilogie, maar het zijn duidelijk niet de beste albums van de band. Zeker niet slecht maar vaak onevenwichtig, saai of niet vernieuwend ten opzichte van klassiekers als Daisies of the Galaxy en Souljacker. Desondanks toonde Eels’ laatste worp Tomorrow Morning wel degelijk een vernieuwingsdrang en ook een hernieuwd plezier in het muziek maken. Een hoopvolle belofte.
Gisteren was het dan eindelijk zover. De twee voorprogramma’s vielen tegen, maar dat schenen ze wel vaker te doen bij Eels. Rare voorprogramma’s zoals een buiksprekerclown hoeven wij niet te zien. Het tweede voorprogramma was Alice Gold, een meisje-met-gitaar in het hoekje Avril Lavigne, maar met meer klasse. De band begon uiteneindelijk 40 minuten te laat, wat de verwachtingen nog maar eens hoger maakte. ‘E’ (de artiestennaam van Mark Everett) maakte zijn entree solo, pas na drie nummers zou de rest van de band invallen bij Prizefighter. Deze drie nummers waren nog even wennig, zeker met het verrassende uiterlijk van E – een bandana, zonnebril en terroristenbaard waardoor zijn gezicht het hele concert niet zichtbaar was. Toch kenmerkte opener Daisies of the Galaxy een paar goede eigenschappen van Eels: die snijdende stem, prachtige melodieen en vaak tragikomische teksten.
Toen eenmaal de band opkwam kon ik nog niet vermoeden dat de muziek die de rest van het concert zou domineren even fout zou zijn als de ZZ Top-baarden die de voltallige band droeg. We wisten dat Eels een veelzijdig man heeft en lieflijke nummers zo zou kunnen afwisselen met venijnige punkrock. Maar dat hij het zou wagen om alle nummers in een soort Las Vegas-hotel-rock’n'roluitvoering te spelen had ik niet verwacht en schoot ook direct in het verkeerde keelgat. De eerste paar nummers kon ik nog wel hopen op iets beters, een wat ouder nummer in een authentieke uitvoering, maar zelfs dat was te veel gevraagd. Want toen zo’n song uit de begindagen van Eels – My Beloved Monster – eindelijk gespeeld werd, ging het pas helemaal mis. Ze speelden het rustige, prachtige nummer als een soort noodschreeuw weg en binnen een minuut waren we klaar: een meesterwerk kapot geslagen, nota bene door de band zelf. Het verkrachten van nummers wil nog wel eens voorkomen, maar dan meestal als het wordt gecovered, dat een band hun eigen meesterwerkjes verkracht is toch wel heel zeldzaam. Dit was het moment waarop de serieuze twijfels die de setlist al had veroorzaakt over werden genomen door serieuze teleurstelling. Als je zo’n foute keuze begaat lijk je wel niet te kunnen inschatten wat het publiek van je verwacht en wil horen. Omdat de band zo veel kan vertrokken we toen niet, op hoop van verbetering, dat er toch dat spetterende einde kwam met een van die prachtige nummers. Fresh Blood leverde nog wel een mooi lichtpuntje op in een steeds belachelijker wordende set – was dit een soort parodie? Had ik moeten lachen? – gespeeld zoals het hoort (what means: wel ruig en hard, maar niet doelloos raggen en schreeuwen) en met mooie stroboscooplichten.. Maar dit alles kan natuurlijk niet opwegen tegen de vernietiging van nog een van de beste nummers uit Eels’ oeuvre. I Like Birds werd veroordeeld tot hetzelfde lot als My Beloved Monster, de snelkookpan. Het deed pijn om te zien hoe zo’n vredig nummer vermoord werd door de agressie van de band, vermorzeld tot er geen enkel positief stukje meer inzat. Het publiek (toch aangenomen dat het Eels-fans zijn, die het nummer kennen) deed vrolijk mee in deze desastreuse uitvoering. Steeds als E ‘I like’ zei, zei het publiek ‘Birds’. Dit was het toppunt, het was verpest. Eels heeft het voor elkaar gekregen.
Wat ook nog eens enorm bijdroeg aan de lage waardering van dit concert was de slechte setlist. Van een band die zo lang meegaat en zoveel goede nummers op zijn naam heeft staan verwacht je wel dat in de set de hitjes niet achterwege worden gelaten. Dat het accent op de laatste drie albums van Eels ligt is volkomen begrijpelijk, maar zelfs van die albums werden de beste nummers niet gespeeld. Ik noem ‘A Line in the Dirt’ en ‘Let’s Ruin Julie’s Birthday’. En waarom moeten er dan weer drie covers op de set? Had in plaats daarvan Novacaine for the Soul, Last Stop: This Town en Flyswatter gespeeld, en ik was blij geweest.
Eels-moe, vroeg Caspar nog aan mij afgelopen maandag. Inmiddels wel, denk ik. In elk geval staat de naam niet langer garant voor kwaliteit en zal nieuw werk voortaan met argusogen bekeken worden. En de grote vraag die in mijn hoofd zit blijft: ‘waarom doet E. dit?’ Snapt hij niet dat het publiek komt voor Eels, niet voor dit live-gedrocht? Is het omdat E. het zelf gewoon leuker vindt om op zijn gitaar te slaan en in de microfoon te krijsen? Of zou hij zich onzeker voelen en zichzelf niet meer bloot durven geven? Zijn maskeroutfit zou wel eens het laatste kunnen doen vermoeden.

Het is vandaag de 




Het nieuwe album Intriguer van de band Crowded House kwam op 9 juni uit, dus het is eens tijd geworden om het onder de loep te nemen. Crowded House werd in de jaren ’90 ‘de nieuwe Beatles’ genoemd (net zoals ondermeer Oasis, hoewel Oasis eerder zichzelf tot de nieuwe Beatles kroonde). Nadat Neil Finn Crowded House oprichtte in 1986 verwierven ze hun eerste grote succes in 1993, met de release van Together Alone, waarmee ze toentertijd de prijs voor de beste internationale act van Q-magazine wonnen en dus boven grote namen als U2 en Nirvana eindigden. Hoewel ze daarvoor ook al succes hadden gehad met onder andere Weather With You en Four Seasons in one Day, mijn persoonlijke favoriet. In 1996 stopte de band (na het uitbrengen van de best-of Recurring Dream) omdat Neil bang was om zich te herhalen. Hij zei meermaals dat Crowded House nooit meer zou spelen, maar in 2007 gebeurde het dan toch; Time on Earth is het reüniealbum van de band geworden. Meestal wordt na een reüniealbum alweer gestopt, maar Crowded House ging door met albums maken, en bijna drie jaar later is hier Intriguer.
Hierna begon het een beetje te motregenen en na een uur wachten stond er opeens een konijn op het podium. Ik was niet geïnformeerd maar ben er inmiddels achter gekomen dat dit konijn met twee biertjes in zijn hand een vaste Green Day act is (van hun nieuwste tour). Green Day knalde er in, het voorste vak ging los en ik raakte iedereen kwijt. Sinds dat moment ben ik afwisselend met mijn vrienden geweest, totdat B.J. Armstrong weer zei: I want you to go f*cking crazy! en de hele menigte gehusseld werd. Geen probleem want een van mijn vrienden is vrij groot en dus zag ik zijn hoofd steeds bungelen. Do you know your (fucking) enemy was de eerste ‘knaller’ waarop alles los ging. Ik kwam fors dichterbij de hekken bij dit nummer. Gek genoeg stonden er nog steeds evenveel mensen voor je, alleen leken de mensen even afgevallen. Een emotioneel moment was toch wel Boulevard of Broken Dreams, een nummer dat zo ongeveer half Pinkpop mee kon zingen, dus deed hij het zelf maar amper. Hierna kwam er een stukje waarin ze verschillende nummers speelden (delen ervan) zoals Stand By Me en Highway to Hell. Dit was erg leuk en bevorderde de sfeer. Hardere nummers zoals American Idiot en Holiday brachten de menigte in een bewegende massa waarin ik zelfs bij de voorste hekken wist te komen, recht voor de band. Al de hele show lang waren er mensen op ’t podium gekomen en er was nog plaats voor één persoon. De persoon naast mij werd gekozen, een gast die zijn haar groen had geverfd (voor dit optreden?) en ook nog een groene bril droeg. Deze bril had hij al naar de zanger gegooid en nu mocht hij er zelf dus ook op. Ik gunde hem het wel maar had er zelf ook graag gestaan. Deze gast maakte er zeker een feestje van, hij ging los en het publiek ook op hem, wat een ervaring! Er werden ook nog shirts afgeschoten in een hogedrukspistool, er was vuurwerk en er waren vlammen. Na dit alles kwam het emotionele toegift Wake Me Up When September Ends en Give Me Novocaine. Voor mij persoonlijk jammer dat er geen knallend toegift was maar al met al was deze show echt geweldig! Green Day lijkt wel geboren op het podium. Na Green Day waren we allemaal kapot en zijn dus meteen naar de tent gegaan en daar ingezonken onder een ietwat regenende hemel.