Beautiful Freaks

alternative music pirate radio / reviews

Muziek

Eels - Tomorrow MorningGoed, een review van Eels’ nieuwe album Tomorrow Morning voelt na Abels komisch-kritische en spraakmakende review van Mark Oliver Everett’s (wan)prestatie in Paradiso een beetje als mosterd na de maaltijd. Toch vond ik het belangrijk om dit album een recensie te geven, niet in het minst omdat mijn mening erover vele malen positiever is dan die over het concert.

Zoals gezegd is Tomorrow Morning de afsluiter van een ware Eels-trilogie waar ook Hombre Lobo en End Times deel van uitmaken. Het ruige Hombre Lobo bleek in de zomer van 2009 een geschikte zomerplaat te zijn, hoewel de vervormde schreeuwen van E. soms net te veel een gimmick werden. Thema van het album, met de bijtitel ‘Twelve Songs of Desire’ was ‘verlangen’.

Als om het jarenlange gat tussen Blinking Lights & Revelations (2005) en Hombre Lobo goed te maken kregen we de afgelopen winter weer een plaat van Eels voorgeschoteld, End Times. En na een zomerplaat hadden we nu een typisch winteralbum te pakken, opgenomen door Mark Everett in zijn eentje op een vier-sporenrecorder, met liedjes die voornamelijk verhalen over het verliezen van dingen, voornamelijk in de liefde. Een perfect thema voor E., de man die zo ongeveer iedereen die hij had heeft verloren. Kritiek op deze plaat was dat het maar voortkabbelde; saai dus. Een paar erg goede nummers konden dat niet verhullen.

En nu is daar, iets meer dan een jaar na Hombre Lobo, alweer een nieuwe Eels-plaat. Het drieluik wordt afgemaakt door een album met het thema ‘verlossing’. E. heeft alle depressiviteit van zich afgeworpen en zingt over de mooie dingen in het leven. Teksten en titels als ‘My Baby Loves Me’ en ‘Look in the mirror, I am the man. Mrs. Miller says I am the man, as the birds singing I am the man, everyone is a fan’ liegen er niet om: E. is blij, hij is cool, hij is the man. Die coolheid, die zelfverzekerdheid, die straalt het hele album van zich af. En op zich is dat wel verfrissend: het is een kant die we nog niet zo vaak zagen van Mark Everett, die ogenschijnlijk helemaal niet bij Eels past, maar verrassend goed uitpakt. De feeling van deze plaat is ontzettend aanstekelijk.

Daarbij is Tomorrow Morning duidelijk geen herhalingsoefening. Van Hombre Lobo kon je zeggen dat Eels hetzelfde beter deed op Souljacker en als vervanger voor het treurige End Times kennen we Eels’ meest persoonlijke album Electro-Shock Blues. E. lijkt zichzelf op Tomorrow Morning opnieuw te willen ontdekken en experimenteert met electronica zoals hij in geen jaren deed. De beats en gekke geluidjes vliegen je om de oren in Baby Loves Me. Subtieler gaat Eels te werk in Spectacular Girl, een nummer dat nog het meeste lijkt op de begindagen van Eels en het debuut Beautiful Freak. Het ultieme experiment vindt plaats in This Is Where It Gets Good, waarin Eels een orkestsample combineert met typische beats.

Is Tomorrow Morning dan de definitieve comeback van Eels? Een plaat die niet goed of slechts degelijk is zoals voorgaande twee, maar echt goed, neigend naar geweldig? Nee, zeker niet. Weliswaar gaat Eels op een hoop punten vooruit, maar er zijn ook een paar negatieve ontwikkelingen. Zo zijn die beats wel leuk, maar leiden vaak tot nodeloos gefreak. De orkestsample van This Is Where It Gets Good is leuk, maar na een paar seconden heb je het dan wel weer gehoord en in plaats van een nieuwe wending gaat het dan gewoon drie minuten door. Het begin van de plaat is op sommige momenten saai en een nummer als I’m a Hummingbird neigt meer naar een vullertje. De beste nummers zitten op de tweede helft, met onder meer de wals Oh So Lovely.

Daarnaast mist zo’n vrolijk album natuurlijk altijd een beetje diepgang. Het is misschien lullig om te zeggen, maar ik waardeerde Eels om zijn droevige liedjes met een komische noot. De tragikomische teksten die even vaak een lach als een traan opleverden en bovenal de hoop die de beste man ondanks alle tragedie in zijn nummers overbracht. Dat soort nummers beklijven uiteindelijk meer dan een blije hit. Maar ik heb zo’n vermoeden dat die periode definitief achter hem ligt.

Bonus: bij de deluxe-versie van het album zit ook nog een EP met vier nummers die eigenlijk beter zijn dan die op het album. Aan iedereen die van plan is Tomorrow Morning te kopen raad ik aan die EP er bij te nemen.

Eels is een band met reputatie: ze hebben inmiddels acht CD’s uit en zeker niet de minste. Dit was dan ook een van de redenen dat het concert van de Californische band in paradiso een hoogtepunt zou moeten worden. De naam Beautiful Freaks is niet voor niets een afgeleide van hun ‘Beautiful Freak’, naam van hun debuut-album – hun beste – en een gelijknamig nummer op dat album. De band heeft een stormachtig jaar achter de rug. Met het uitbrengen van maar liefst drie (!) CD’s in een jaar waren Mark Everett en zijn mannen erg druk bezig. Hombre Lobo (juni 2009) – de woede, het verlangen – End TImes (januari 2010) – berusting, verdriet – en onlangs verschenen Tomorrow Morning – vreugde, een nieuwe start – vormen samen een trilogie, maar het zijn duidelijk niet de beste albums van de band. Zeker niet slecht maar vaak onevenwichtig, saai of niet vernieuwend ten opzichte van klassiekers als Daisies of the Galaxy en Souljacker. Desondanks toonde Eels’ laatste worp Tomorrow Morning wel degelijk een vernieuwingsdrang en ook een hernieuwd plezier in het muziek maken. Een hoopvolle belofte.

Gisteren was het dan eindelijk zover. De twee voorprogramma’s vielen tegen, maar dat schenen ze wel vaker te doen bij Eels. Rare voorprogramma’s zoals een buiksprekerclown hoeven wij niet te zien. Het tweede voorprogramma was Alice Gold, een meisje-met-gitaar in het hoekje Avril Lavigne, maar met meer klasse. De band begon uiteneindelijk 40 minuten te laat, wat de verwachtingen nog maar eens hoger maakte. ‘E’ (de artiestennaam van Mark Everett) maakte zijn entree solo, pas na drie nummers zou de rest van de band invallen bij Prizefighter. Deze drie nummers waren nog even wennig, zeker met het verrassende uiterlijk van E – een bandana, zonnebril en terroristenbaard waardoor zijn gezicht het hele concert niet zichtbaar was. Toch kenmerkte opener Daisies of the Galaxy een paar goede eigenschappen van Eels: die snijdende stem, prachtige melodieen en vaak tragikomische teksten.

Toen eenmaal de band opkwam kon ik nog niet vermoeden dat de muziek die de rest van het concert zou domineren even fout zou zijn als de ZZ Top-baarden die de voltallige band droeg. We wisten dat Eels een veelzijdig man heeft en lieflijke nummers zo zou kunnen afwisselen met venijnige punkrock. Maar dat hij het zou wagen om alle nummers in een soort Las Vegas-hotel-rock’n'roluitvoering te spelen had ik niet verwacht en schoot ook direct in het verkeerde keelgat. De eerste paar nummers kon ik nog wel hopen op iets beters, een wat ouder nummer in een authentieke uitvoering, maar zelfs dat was te veel gevraagd. Want toen zo’n song uit de begindagen van Eels – My Beloved Monster – eindelijk gespeeld werd, ging het pas helemaal mis. Ze speelden het rustige, prachtige nummer als een soort noodschreeuw weg en binnen een minuut waren we klaar: een meesterwerk kapot geslagen, nota bene door de band zelf. Het verkrachten van nummers wil nog wel eens voorkomen, maar dan meestal als het wordt gecovered, dat een band hun eigen meesterwerkjes verkracht is toch wel heel zeldzaam. Dit was het moment waarop de serieuze twijfels die de setlist al had veroorzaakt over werden genomen door serieuze teleurstelling. Als je zo’n foute keuze begaat lijk je wel niet te kunnen inschatten wat het publiek van je verwacht en wil horen. Omdat de band zo veel kan vertrokken we toen niet, op hoop van verbetering, dat er toch dat spetterende einde kwam met een van die prachtige nummers. Fresh Blood leverde nog wel een mooi lichtpuntje op in een steeds belachelijker wordende set – was dit een soort parodie? Had ik moeten lachen? – gespeeld zoals het hoort (what means: wel ruig en hard, maar niet doelloos raggen en schreeuwen) en met mooie stroboscooplichten.. Maar dit alles kan natuurlijk niet opwegen tegen de vernietiging van nog een van de beste nummers uit Eels’ oeuvre. I Like Birds werd veroordeeld tot hetzelfde lot als My Beloved Monster, de snelkookpan. Het deed pijn om te zien hoe zo’n vredig nummer vermoord werd door de agressie van de band, vermorzeld tot er geen enkel positief stukje meer inzat. Het publiek (toch aangenomen dat het Eels-fans zijn, die het nummer kennen) deed vrolijk mee in deze desastreuse uitvoering. Steeds als E ‘I like’ zei, zei het publiek ‘Birds’. Dit was het toppunt, het was verpest. Eels heeft het voor elkaar gekregen.

Wat ook nog eens enorm bijdroeg aan de lage waardering van dit concert was de slechte setlist. Van een band die zo lang meegaat en zoveel goede nummers op zijn naam heeft staan verwacht je wel dat in de set de hitjes niet achterwege worden gelaten. Dat het accent op de laatste drie albums van Eels ligt is volkomen begrijpelijk, maar zelfs van die albums werden de beste nummers niet gespeeld. Ik noem ‘A Line in the Dirt’ en ‘Let’s Ruin Julie’s Birthday’. En waarom moeten er dan weer drie covers op de set? Had in plaats daarvan Novacaine for the Soul, Last Stop: This Town en Flyswatter gespeeld, en ik was blij geweest.

Eels-moe, vroeg Caspar nog aan mij afgelopen maandag. Inmiddels wel, denk ik. In elk geval staat de naam niet langer garant voor kwaliteit en zal nieuw werk voortaan met argusogen bekeken worden. En de grote vraag die in mijn hoofd zit blijft: ‘waarom doet E. dit?’ Snapt hij niet dat het publiek komt voor Eels, niet voor dit live-gedrocht? Is het omdat E. het zelf gewoon leuker vindt om op zijn gitaar te slaan en in de microfoon te krijsen? Of zou hij zich onzeker voelen en zichzelf niet meer bloot durven geven? Zijn maskeroutfit zou wel eens het laatste kunnen doen vermoeden.

Antony & the Johnsons - Thank You for Your LoveAntony & The Johnsons hebben de gewoonte om voor elk nieuw album een EP uit te brengen, als een voorbode voor wat de luisteraar te wachten staat. Tussen zijn eerste drie albums zat respectievelijk 5 en 4 jaar, maar na het wederom mooie The Crying Light van vorig jaar brengt de zanger met die prachtige stem samen met zijn kamermuziekorkest alweer de opvolger uit, Swanlights. Maar nu dus eerst een EP. Thank You for Your Love heet hij en het titelnummer is meteen de eerste single van het aanstaande Swanlights. Naast dat nummer bevat de EP ook twee covers, een van Bob Dylan en een van John Lennon’s Imagine.

Maar eerst die uitbundige single. Veel uitbundiger dan we van Antony gewend zijn. De normaal zo breekbare stem blijft onmiskenbaar die van Antony, en ook de gebruike instrumenten klinken louter bekend in de oren, maar in plaats van de verstilde en berouwvolle nummers van voorgaande albums is Thank You for Your Love een opgewekt nummer dat zelfs een redelijk hoge meezingfactor heeft. Een uitgebreide blazerssectie maakt dat optimistische gevoel nog groter, en wat in een ander liedje als schreeuwerig opgevat zou kunnen worden lijkt hier wonderbaarlijk goed te werken – alsof Antony Hegarty in de tekst, een herhaling van ‘s nummers titel, niet een iemand aanspreekt, maar tous les mondes. Als single is het een uitstekende keuze, maar of dit de kant is die ik Antony graag hoor op gaan op zijn nieuwe album? Ik betwijfel het.

You Are the Treasure en My Lord My Love klinken wel weer als vanouds zwaarmoedig en vol spijt. Een kale muzikale begeleiding, bijna allen maar steunend op pianoklanken, zodat men er aan herinnert wordt dat Antony & the Johnsons toch echt om Antony en zijn stem draait. My Lord My Love is een nummer dat ook al als bonustrack verscheen op The Crying Light, waarin Antony God twijfelend aanspreekt. De schoonheid van het nummer is de kleinschaligheid ervan. Ondanks een stem die zich er prima voor leent weigert Antony over-the-top te gaan en dat siert hem, en zijn nummers.

Van de twee covers – Pressing On van Bob Dylan en het overbekende Imagine van John Lennon – is die laatste het interessantste maar ook het minste. Pressing On is afkomstig van Dylans gospel-album Saved uit 1980 en van het origineel is weinig meer terug te horen. Blijft over een middelmatig nummer dat dankzij een stem die niks fout kan doen niet saai wordt.

Pressing On is een vrij onbekend nummer van Bob Dylan. Imagine is daarentegen Lennons bekendste. Verbazing dan ook als die karakteristieke openingsakkoorden op de piano in deze cover niet terugkomen, en in plaats daarvan een minimale akoestische gitaarbegeleiding Antony’s stem ondersteunt. En zoals verwacht hebben Antony & the Johnsons de bekendheid van het nummer tegen zich: het origineel blijft beter dan een goede cover en tegelijkertijd is Imagine zo doodgedraait dat zelfs de nieuwe invalshoek snel verveelt en zelfs gaat irriteren. Zonde, want Antony heeft genoeg goede liedjes van zichzelf.

Benieuwd zijn we natuurlijk naar het nieuwe album Swanlight en welke richting dat opgaat. En natuurlijk naar het duet met Bjork!

Sufjan Stevens - All Delighted People EPSufjan Stevens mag wel beschouwd worden als één van de belangrijkste muzikanten van deze eeuw. De stijlen waarin hij albums heeft gemaakt variëren van electronica en lo-fifolk tot de symfonische uitbarstingen op zijn meesterwerk Illinoise. Daarbij is Stevens niet bang om eens een keer te experimenteren: op The BQE lukte dat niet echt, maar het nummer You Are the Blood dat op compilatie-album Dark Was the Night (aanrader! Ook bijdragen van Arcade Fire, Beirut, Antony Hegarty, Feist en meer) was wel een gestoord en mooi epos.

Behalve zijn eigen projecten werkt Sufjan Stevens achter de schermen vaak mee met anderen. Op The National’s recentste album High Violet werkte hij bijvoorbeeld mee aan Afraid of Everyone. Sinds kort is Stevens weer bezig met muziek op eigen naam te maken, en het is al bekend dat The National op zijn nieuwe plaat ook een bijdrage zal leveren. Wat echter niet bekend was, was de EP die Stevens bijna een week geleden plotseling uitbracht. En die EP, genaamd All Delighted People, bestond niet uit vier of vijf liedjes met een totale speelduur van 25 minuten. Nee, All Delighted People EP duurt bijna een heel uur en onder de acht nummers die erop staan zijn er twee van meer dan 10 minuten, waarvan het titelnummer zowel in een ‘Original Version’ van 12 minuten als een ‘Classic Rock Version’ van 8 minuten komt.

Dit titelnummer wordt door Sufjan Stevens beschreven als ‘een dramatische hommage aan de Apocalyps, existentiële verveling en Paul Simon’s Sound of Silence.’ Het is dan ook wat je ervan mag verwachten: een dreigend nummer met over-the-top bombasme dat overal en nergens heen gaat. Totaal gestoord, maar tegelijkertijd een beetje richtingsloos. Het meest vergelijkbaar met You Are the Blood, maar deze recente uitspatting van Stevens is nog net iets chaotischer. Uiteindelijk vind ik het toch meer neuzelende interessantdoenerij dan interessant gefreak.

De classic rock version van All Delighted People is precies hetzelfde nummer, alleen dan zoals Sufjan Stevens het vijf jaar geleden gemaakt zou hebben: geen Orff-koorgezang en ook al zijn er wat blazers aanwezig, die zetten niet meer aan tot de chaotische-bombast van het nummer in originele vorm. Vind ik deze uitvoering dan wél goed? Nee, eigenlijk ook niet. Het geneuzel is nu weg, maar dan wordt voor mij eigenlijk pas duidelijk dat ook de compositie niet zo interessant is. Zeker in het begin kabbelt het nummer maar wat voort en nergens zit een moment dat je even opschrikt uit gedachten door een mooi staaltje muziek, een goede tekstregel of een memorabele melodie. Alleen op het einde haalt Stevens nog wat gefreak uit met de nodige electronica, die dit keer wel bevalt.

Dat het evenwicht houden tussen interessant gefreak en irritant gefreak soms lastig is en het randje snel overschreden, horen we op Djohariah. 17 minuten en volgens een heel simpel principe opgebouwd: één geloopte track met koor en blazers die telkens herhaalt het nummer voortstuwen en daaroverheen uitgerekte gitaarsolo’s die doen denken aan de vroege Pink Floyd. En ook bij dit nummer vraag ik me af of het nou wel allemaal hoeft, maar gek genoeg kan ik het gefripp in dit nummer wel waarderen. Misschien heeft dat de maken met de beheerstheid ervan, daar waar All Delighted People iets te willekeurig klonk.

Naast deze drie monsternummers staan er nog vijf andere liedjes op All Delighted People EP, allen met een normale lengte van 2 tot 6 minuten. En al deze liedjes zijn hele fijne liedjes balancerend tussen folk en rock, vaag met een vleugje electronica. Sufjan Stevens’ stem is toch wel erg fijn en ook erg gevarieerd: hij kan rustig zingen als in Enchanting Ghost of een wat theatralere zang opzetten – referentie: Peter Gabriel – wat hij doet in From the Mouth of Gabriel (toeval?). En de instrumentatie en het arrangement past hij daar ook prima aan aan. Dit is duidelijk vakmanschap zoals alleen Sufjan Stevens dat kan.

De All Delighted People EP is dus niet helemaal een geslaagde verrassing. Wat mij betreft is Sufjan Stevens iets te ver doorgeschoten en juist in de kortere – eigenlijk van normale lengte – liedjes op de EP vind ik nog de essentie van zijn muziek terug. Ook die langere experimenten zijn typisch Sufjan Stevens, dat klopt, maar de gekte is ontdaan van haar euforie en op die manier lang niet zo boeiend meer. Eén ding dat ik me nog afvraag: als deze EP slechts een voorbode is voor Stevens’ nieuwe album, hoe lang moet dat nieuwe album dan wel worden? En gaan we daar überhaupt nog nummers van dit werkstuk op terugvinden?

Justin Bieber - Lekker ding!Iedereen haat Justin Bieber. Of toch tenminste iedereen die muziek een beetje serieus neemt. Zo ook enkele bands die aanstaand weekend op Lowlands spelen. Het Nederlandse muziektijdschrift OOR stelde de Local Natives (folk/rock met indie-inslag) en You Me At Six (emo-rock / post-hardcore verpakt als popmuziek) de vraag: ‘Wie zou jij van de festivals verbannen?’

Local Natives: ‘Limp Bizkit, maar tegelijkertijd vind ik dat ze elk festival moeten headlinen, haha! Of Insane Clown Posse misschien. Maar eigenlijk is dat weer zo ironisch dat ik ze toch wel weer wil zien. Justin Bieber dan maar, die zie ik liever niet.

You Me At Six drukte zichzelf nog wat steviger uit, en geeft behalve Bieber ook tienerster Miley Cyrus aka Hannah Montana ervan langs: ‘Metro Station, ommdat ze zuigen. Maar die zijn net gestopt, hoera! De broer van Hannah Montana was daar zanger, die zong al net zo slecht als zijn zus. De laatste keer dat we in Amerika speelden zag ik een stukje van Justin Bieber. Als die ooit op hetzelfde festival speelt als wij, dan stop ik ermee.

Nee, ondanks alle gillende tienermeisjes die hem verhinderen op te treden is Justin Bieber niet geliefd bij een groot deel van de bevolking. Het is uitgesloten dat een van zijn liedjes op Patapoe gedraaid wordt. Of toch niet? Want nu blijkt dat Justin Bieber eigenlijk dezelfde muziek maakt als Sigur Rós! Huh? Een creatieveling heeft zijn ‘megahit’ U Smile 800% vertraagd, en uit dit project is een halfuur-lange waterval van muziek gekomen, die inderdaad klinkt als Sigur Rós of Brian Eno-achtige ambient. Klinkt helemaal niet slecht. Luister zelf:

Zou het met andere liedjes ook werken?

Arcade Fire - The Suburbs

Arcade Fire heeft met nieuwe plaat ‘The Suburbs’ het bewijs gebracht dat je nooit op je eerste oordeel af moet gaan: de eerste keer dat ik het album luisterde was ik hevig teleurgesteld. Waar waren hier de pakkende liedjes als Rebellion (Lies) of de grootse nummers met over-the-top bombasme zoals die op Neon Bible stonden. Ja, we hadden het poppy titelnummer, maar dat vond ik toch te gezapig. We Used to Wait was dezelfde grootsheid aangemeten als een No Cars Go en vind ik ook nu nog het beste nummer van het album. Maar nergens ervaarde ik zo’n heftige emotie als op eerdere nummers van de band.

continue reading…

Na het bijzonder opgewekte Looking Up – is dit nog wel de Eels die we kennen – heeft ‘E.’ zijn nieuwe single ‘Spectacular Girl’ uitgebracht en meteen voorzien van een videoclip met die typische Eels-droogheid. En over het liedje zelf: dat klinkt eindelijk weer eens als de originele Eels, ten tijde van Beautiful Freak uit 1996. Alleen dan nog altijd minder depressief, maar de man mag ook best genieten van het leven, niet? Nou ja, kijk en oordeel zelf en laat meteen even weten wat je ervan vindt in de comments.

Kula Shaker - Pilgrims ProgressNaast Crowded House – Abel schreef er eerder over – en Oasis is Kula Shaker een van de grootste kandidaten voor de titel ‘de nieuwe Beatles’. Ze maken popmuziek met fijne melodieën als die van Crowded House, maar met de heavyness van Oasis. En er is ook nog iets dat Kula Shaker wel gemeen heeft met The Beatles, en beide andere bands niet: de Indische invloeden. Vooral John Lennon en George Harrison hadden destijds belangstelling voor zaken als het hindoeïsme en 30 jaar later pakt Kula Shaker die draad weer op. Hun single Govinda, die nummer 7 bereikte in de Britse hitlijsten, schijnt de eerste hit te zijn geweest die in het Sanskriet gezongen is. Ondanks deze unieke prestatie lijdt Kula Shaker aan het probleem dat ze vaak net te veel op andere bands lijken en bovendien niet bepaald vernieuwend zijn. Dat zegt men, maar volgens mij ligt het toch net iets anders.

continue reading…

Stars - The Five GhostStars, een magistrale naam – genoemd naar een supergroep uit de jaren ’70 waar ook Syd Barrett deel van uitmaakte -  die prima bij deze Canadese indieband past. Stars is in feite een soort zijproject van Broken Social Scene; alle vijf leden van Stars zitten of zaten ook in die band. Toch is Stars geen gelegenheidscollectiefje gebleken; de groep heeft deze week hun vijfde album uitgebracht, The Five Ghosts. Er heeft duidelijk een ontwikkeling plaatsgevonden: de fijne en subtiele liedjes van hun jongste album klinken mij veel mooier in de oren dan het rammelige en veel meer elektronisch georiënteerde debuut Nightsongs uit 2002.

continue reading…

Crowded House - IntriguerHet nieuwe album Intriguer van de band Crowded House kwam op 9 juni uit, dus het is eens tijd geworden om het onder de loep te nemen. Crowded House werd in de jaren ’90 ‘de nieuwe Beatles’ genoemd (net zoals ondermeer Oasis, hoewel Oasis eerder zichzelf tot de nieuwe Beatles kroonde). Nadat Neil Finn Crowded House oprichtte in 1986 verwierven ze hun eerste grote succes in 1993, met de release van Together Alone, waarmee ze toentertijd de prijs voor de beste internationale act van Q-magazine wonnen en dus boven grote namen als U2 en Nirvana eindigden. Hoewel ze daarvoor ook al succes hadden gehad met onder andere Weather With You en Four Seasons in one Day, mijn persoonlijke favoriet. In 1996 stopte de band (na het uitbrengen van de best-of Recurring Dream) omdat Neil bang was om zich te herhalen. Hij zei meermaals dat Crowded House nooit meer zou spelen, maar in 2007 gebeurde het dan toch; Time on Earth is het reüniealbum van de band geworden. Meestal wordt na een reüniealbum alweer gestopt, maar Crowded House ging door met albums maken, en bijna drie jaar later is hier Intriguer.

continue reading…