Spinvis – Tot Ziens, Justine

flattr this!

Het is iets minder dan tien jaar geleden dat Spinvis’ magistrale debuutalbum uitkwam. ‘Je droomt wel vaker van een feest / maar hier ben je nog nooit geweest’ zijn openingsregels die behoren tot het canon van de Nederlandse popmuziek. Tot Ziens, Justine is het eerste album van Erik de Jong dat dit decennium het daglicht ziet, zes jaar na Dagen van Gras, Dagen van Stro. Daartussen kregen we nog de verzamelaar van ‘gevonden liedjes’ Goochelaars & Geesten en een snel vergeten zijproject met de zangeres van Hooverphonic. Maar Tot Ziens, Justine is het echte, langverwachte derde Spinvis-album.

Zoals ‘Bagagedrager’ de luisteraar tien jaar geleden al vanaf de eerste paar seconden de eigenzinnige wereld van Spinvis binnentrok, zo opent ‘Oostende’ ook dit derde album. Eigen en eigenwijs, maar zo vanzelfsprekend dat je het nauwelijks doorhebt. Met een paar zinnen schetst Erik de Jong gelijk een wereld voor vragen, gaten en vervaagde herinneringen. In enkele seconden tijd creëert hij een gevoel van weemoed en pijn, van gemiste kansen en verlopen liefde, maar tegelijkertijd een gevoel van warmte. “Justine, ik zie / De jassen gaan aan / Ze betalen hun bier / De groeten zijn gedaan / De echo van je naam in de lach van de meeuwen / December in duizend kleuren grijs”. Een paar minuten gaat ‘Oostende’ voort, maar dit is Spinvis, en na een minuut of vier komt inderdaad de wending waar je automatisch op wacht.

Voor veel artiesten is het in hun nadeel dat ze van Nederlandse afkomst zijn, maar van Spinvis is het, zo blijkt na tien jaar, zijn grote kracht. Juist de Nederlandse gezelligheid, het kleinburgerlijke, en de vaagheid waarmee de kunst-elite interessant doet, juist dat gebruikt Spinvis in zijn voordeel. Want het vereist durf om proberen weg te komen met teksten die zo vaag zijn dat eigenlijk niemand weet waar het over gaat. En wanneer De Jong inderdaad de pretentie had gewekt dat zijn liedjes wél ergens over gingen en dat de luisteraar het dan maar niet begrijpt zou Tot Ziens, Justine een pretentieus en nietszeggend werk zijn geweest. Maar Spinvis is geen zwever. De band met de realiteit blijft altijd aanwezig als een knipoog die zegt: ‘ik weet ook wel dat het allemaal niet zo serieus is.’ Door naast sepia herinneringen en zwevende gedachten ook te zingen over de winkel die veranderd is in een reisbureau (‘Oostende’), verschillende typen auto’s (een terugkerend thema bij Spinvis, op Tot Ziens, Justine onder andere in reisliedje ‘De Grote Zon’ en …!!!) of over gezellige familiefeestjes (‘We Vieren het Toch’, inclusief geluidssamples van vertrekkende vrienden) vermijdt De Jong zichzelf te serieus te nemen. ‘We Vieren het Toch’ beeldt de kneuzige sfeer uit van een zondag met de familie. Stukken teksten als “iedereen zwaait / en alle kinderen ook” of “Juul heft zijn glas / en de grap die hij maakt / is de beste grap ooit” zijn zo mierzoet dat het eigenlijk niet kan. Maar dit is Spinvis. En voor mij gaat dit liedje net zo goed over een bruiloft als over een herdenking van een overleden familielid, waarbij de schijn van gezelligheid wordt opgehouden. We vieren het toch.

Op de wat duisterder liedjes van het album zijn angst, vervreemding en paniek te horen. ‘Club Insomnia’, met zes-en-een-halve minuut het langste nummer op Tot Ziens, Justine is een claustrofobische popsong met diepe bassen en hypnotische zang. De sfeer die Spinvis hier schept is van iemand die de weg kwijt is, verdwaald en vervreemd. Het is de man die in ‘Bagagedrager’ niet meer wist op wat voor een feest hij was, en nu de volgende dag blijkt dat het geen droom was maar de nachtmerrie-achtige realiteit van iemand die nauwelijks meer weet wie hij is. Dit verval wordt tekstueel uitgebeeld. In het begin is de ik-persoon nog relatief nuchter, met bedenkingen over hoe hij moet klappen met een glas bier in z’n hand. “de band is wel goed en het bier is wel koud / en ik wil ook wel klappen maar ik weet niet hoe het moet / want dat gaat best wel lastig  / met een glas in je hand / gaat alles over de rand”. Maar tegen het einde worden de teksten steeds onzinniger en meer paranoïde, met waanbeelden en uiteindelijk een terechtstelling. ‘Club Insomnia’ is daarmee één van de hoogtepunten van Tot Ziens, Justine.

Ook in andere liedjes komt er een bepaald soort angst naar voren, vaak verbonden aan de oorlog en De Jongs kinderen. In ‘Oostende’ gaat het over de jonge soldaten die gestorven zijn op D-Day:  “Ik zie ze staan / Op de boulevard / In de mist / Ze kunnen hier nooit vandaan / Verraden in de naam van koning en vaderland / Op het strand is een jeugdige, hun oorlog nooit voorbij”. Op ‘Overvecht’ maakt Spinvis die angst persoonlijk. “Straks is het oorlog / en kijk, dat ben jij op een dag / met in je armen je kleine soldaat”, zo zingt hij over zijn angsten en sombere toekomstbeelden voor zijn kinderen. De herinnering van de oorlog die ook in de geesten van veel Nederlandsers gegrift staat en de bezorgdheid van elke vader voor het welzijn van zijn kinderen worden gecombineerd tot een ontroerend liedje.

Gelukkig sluit Spinvis zijn album dan toch nog af met een positieve noot. In slotstuk ‘Tot Ziens, Justine Keller’ wenst De Jong zijn luisteraar allerlei goeds toe, van sterke en grote kinderen tot duizend vogels in hun tuin. Maar na de ellende van daarvoor is het niet meer duidelijk of dít nou de realiteit is of juist wat Spinvis zichzelf en zijn luisteraar influistert als laatste strohalmpje onbestaande hoop om aan vast te blijven klampen. Daarmee is het een mooie afsluiter van een album over oorlog, over auto’s, over kinderen en vaders, over vrouwen, liefde en angst, over plaatsen en reizen, alcohol, feestjes, verdwalen en gekte, over vrienden, familie en herinneringen. Kortom, een album over het leven. En net zoals het leven zijn er hoogte- en dieptepunten. Niet elke nummer op Tot Ziens, Justine is even goed. ‘Jij Wint’, ‘Koning Alcohol’ en ‘Heel Goed Nieuws’ zijn eigenlijk maar middelmatige Spinvis-nummers en ook de terugkeer van Ronnie in ‘Ronnie Knipt Zijn Haar’ is niet zo overtuigend als zijn eerste optreden tien jaar geleden. Maar Nederlanders vinden altijd wel wat om over te klagen en al met al is Tot Ziens, Justine toch weer een prachtwerkje. Een spinvis, niemand weet precies wat het is. Maar uniek is hij zeker, dus alles wat je van hem ziet, is iets om te koesteren.

-- Caspar Jacobs, December 3, 2011